magazine / december 2011

We just did it: grote merken gaan voor duurzaam

© Mario Hooglander

De favoriete kleur van Barbie is niet langer roze, maar groen. Nike just did it: gifvrije productie eisen van zijn textielleveranciers. In 2011 erkenden grote merken dat goedkope massaproductie niet ten koste mag gaan van het milieu en de gezondheid van mensen in ontwikkelingslanden. Successen in opvallende Greenpeace-campagnes, die we niet hadden bereikt zonder onze donateurs, vrijwilligers en (online) actievoerders.

Doneer nu en maak meer successen mogelijk!

Nieuwe kolencentrale Nuon van de baan

Milieuorganisaties boekten in 2011 een belangrijk succes: Nuon zette zijn plannen voor de bouw van een kolencentrale in de Groningse Eemshaven tot 2020 in de ijskast. Het verzet tegen de vervuilende centrales van energiebedrijven Nuon en Essent was breed. Greenpeace-actievoerders trotseerden de kou in een hijskraan op het bouwterrein, hoogleraren pleitten voor een kolenstop, noordelijke bewoners demonstreerden en ruim 60.000 online actievoerders riepen de energiereuzen op af te zien van de nieuwe kolencentrales: 'Stop of ik zeg op'. De kans dat Nuon in 2020 alsnog kiest voor kolen is klein. Vanaf 2013 moeten energiebedrijven eindelijk betalen voor hun CO2-uitstoot en worden kolencentrales dus duurder. Essent is wat kortzichtiger dan Nuon en bouwt in de Eemshaven stug door aan de grootste kolencentrale van Nederland, ook nadat Greenpeace en andere milieuclubs gelijk kregen van de Raad van State. De raad vernietigde de natuurvergunning voor deze centrale. Terecht: de centrale staat straks aan de rand van de Waddenzee, een uniek en beschermd natuurgebied.

Schone verpakkingen voor Barbie en Lego

Wie had ooit gedacht dat de doosjes waarin barbiepoppen en legosteentjes worden verkocht, medeverantwoordelijk zijn voor grootschalige ontbossing in Indonesië? Het was een van de schokkende conclusies uit een Greenpeace-analyse van verschillende soorten verpakkingsmateriaal. Speelgoedproducenten Mattel, Lego en Hasbro bleken papier af te nemen van het bedrijf Asia Pulp & Paper (APP), de beruchtste regenwoudvernietiger van Indonesië. In de speelgoedverpakkingen vonden we vezels van tropisch hardhout. Greenpeace startte een campagne in veertig landen. Een filmpje waarin Ken het uitmaakt met Barbie omdat ze meewerkt aan ontbossing, ging razendsnel de wereld over. Ruim een half miljoen online actievoerders stuurde Barbieproducent Mattel een protestmail. Met succes! Lego beloofde als eerste ontbossing uit zijn verpakking te bannen, enkele maanden later volgden Mattel en Hasbro.

Zeereservaten! Of toch niet?

‘Joechei’, riepen we in juli, toen staatssecretaris Henk Bleker in een tv-interview met Uitgesproken Vara beloofde 10 tot 15 procent van de Noordzee af te sluiten voor visserij. Nooit eerder had een visserijminister een lans gebroken voor zeereservaten, die noodzakelijk zijn voor het herstel van het zeeleven. In de lente had Greenpeace alvast een beginnetje gemaakt voor Bleker door de Klaverbank af te schermen met grote natuurstenen. Dit waardevolle natuurgebied in de Noordzee heeft op papier een beschermde status, maar in de praktijk nog niet. In november krabbelde de CDA-politicus terug: hij zou deze gebieden niet afsluiten, maar alleen de schadelijke visserij hier enige beperkingen opleggen. Gelukkig nam de Tweede Kamer een motie aan die Bleker in Brussel aan het werk zette. Opdracht: zorg ervoor dat lidstaten zelf zeereservaten kunnen instellen en ook buitenlandse vissers uit die gebieden kunnen weren. Greenpeace juicht dit initiatief toe. Op dit moment kan Bleker namelijk alleen Nederlandse vissers verbieden hun netten uit te gooien.

Kledingmerken gaan de uitdaging aan

Soms duren onze campagnes jarenlang, soms boeken we binnen een paar maanden succes. Een voorbeeld van het laatste is onze wereldwijde campagne tegen de dumping van giftig afvalwater in China bij de textielproductie voor bekende merken als Nike, Adidas en Puma. Greenpeace daagde deze marktleiders uit om hun schoenen en kleren schoon te produceren. Meer dan 600 vrijwilligers wereldwijd wierpen eind juli hun sportkleren af in een ludieke striptease voor de winkels van de sportmerken. Honderden anderen ontwierpen nieuwe logo’s voor de watervervuilers. Als eerste ging Puma om, half augustus werd het Nike te heet onder de sportschoenen. Vanaf 2020 eisen deze bedrijven van al hun leveranciers de garantie dat er geen gifstoffen in het milieu terechtkomen. Eind augustus volgde Adidas dit goede voorbeeld, een maandje later deed kledinggigant H&M er een schepje bovenop met de belofte al in 2012 bekend te maken wélke chemicaliën zijn toeleveranciers gebruiken. Dat lieten C&A en het Chinese sportmerk Li-Ning niet op zich zitten: zij deden dezelfde toezeggingen.

Princes kiest voor duurzamer gevangen tonijn

Hoe lastig het is om te kiezen voor werkelijk duurzame vis, blijkt wel in de supermarkt. Blikken vol tonijn, met keurmerken in overvloed en hier en daar een logo van een blije dolfijn. In de Viswijzer lees je dat skipjacktonijn niet overbevist wordt. Helaas, schijn bedriegt: skipjacktonijn wordt vaak gevangen met grote ringnetten en vlotten met aas die de vissen naar de oppervlakte lokken. Deze vangstmethode maakt veel slachtoffers die wél bedreigd zijn, waaronder haaien en schildpadden, die ook op de vlotten afkomen. Greenpeace wil dat tonijnfabrikanten alleen nog soorten verwerken waar het goed mee gaat, gevangen door vissers die geen bedreigde diersoorten in hun netten meeslepen. Dankzij de e-mails van bijna 80.000 bezorgde consumenten en onze campagne 'Blikken kunnen doden' ging het bedrijf in maart overstag. In Groot-Brittannië kreeg dit besluit navolging van John West en supermarktketen Tesco, maar helaas liggen in de Nederlandse schappen nog maar weinig blikjes met duurzaam gevangen tonijn. Daarom blijft Greenpeace hier druk uitoefenen op supermarkten en vismerken.