magazine / december 2012

De zwarte geschiedenis van de teerzanden

© Jiri Rezac/Greenpeace

Onlangs was bij RTL 5 ‘Rappers in de sneeuw’ te zien, een realityshow waaraan Greenpeace meewerkte. Vier rappers namen een kijkje bij de teerzanden in Canada, waar de olie-industrie een ravage aanricht. Wat zijn teerzanden en waarom is de exploitatie daarvan zo verwoestend?

Teerzanden zijn – zoals het woord al zegt – zanderige gronden, doordrenkt met dikke, kleverige aardolie. Het gaat om reusachtige gebieden die voor het overgrote deel in de provincie Alberta liggen, richting de westkust van Canada. Tot voor kort zag niemand brood in de teerzanden, want het omtoveren van de zwarte smurrie in bruikbare brandstof is een duur en energieverslindend proces. Voor één vat olie is 2.000 kilo van die kleverige grond nodig en enorme hoeveelheden water. De exploitatie van de teerzanden vereist per dag meer water dan een stad van twee miljoen inwoners. Bovendien komt bij dit proces jaarlijks meer CO2 vrij dan alle uitstoot van het autoverkeer in Canada bij elkaar.

First Nations

Maar de olieprijs stijgt en de voorraden slinken, waardoor de teerzanden steeds interessanter worden voor oliebedrijven. Het milieu is de dupe. Om de olie uit de Canadese grond te krijgen, wordt een dikke laag zand afgegraven en ‘schoongemaakt’ met schadelijke chemicaliën. En, helaas voor de oliebedrijven, er staat ook nog iets op die teerzanden: maar liefst 4,3 miljoen hectare bos. En dus kappen ze grote bosgebieden om de olie uit de grond te kunnen halen.

Niet alleen de flora en fauna in Alberta lijden onder de hebzucht van oliebedrijven, ook de oorspronkelijke bewoners zijn het slachtoffer van deze praktijken. De bossen boven de teerzanden zijn van oudsher het thuis van honderden inheemse volken, de zogenoemde First Nations. Hoewel met de staat is afgesproken dat zij toegang hebben tot al deze gebieden, worden ze vaak actief geweerd door de oliebedrijven. De vervuiling van lucht en water die gepaard gaat met de teerzandexploitatie is een gevaar voor hun gezondheid.

Een pijplijn door het regenwoud

Tot nu toe is het probleem van de teerzanden beperkt gebleven tot de provincie Alberta. Maar de oliehonger bedreigt ook het aangrenzende British Columbia. In deze staat ligt, ingeklemd tussen de teerzanden en de Stille Oceaan, het grootste gematigde regenwoud op aarde. Dit type bos is heel zeldzaam en heeft nooit meer dan 0,2 procent van de aardbodem bedekt. Oliebedrijven zoeken een manier om de olie vanuit Alberta naar olietankers aan de kust te krijgen. Het plan is nu om een 1.170 kilometer lange pijplijn aan te leggen die dwars door een uniek natuurgebied loopt: het Great Bear Rainforest.

Tien jaar lang vocht Greenpeace voor het behoud van deze adembenemende natuur. Mijnbouw en houtkap bedreigden het kostbare regenwoud, dat het thuis is van onder andere wolven, de witte spirit bear, elanden en adelaars. In 2006 boekten we samen met lokale organisaties een enorm succes: de Canadese overheid beloofde grote delen van het bos te beschermen. De nieuwe pijplijn dreigt nu roet in het eten te gooien. De kans dat er olielekken ontstaan, is groot, met onherstelbare gevolgen voor de kwetsbare natuur.

Gelukkig is er in Canada een groeiende beweging die zich verzet tegen het verwoesten van unieke natuur voor een paar druppels olie. Ook jij kunt je stem laten horen. Op de website van Greenpeace Canada staat een petitie tegen de pijplijn.