magazine / december 2015

Regenwoud uit de brand

Bosbranden verwoesten het leefgebied van de orang-oetans en bedreigen de populatie.

Bosbranden verwoesten het leefgebied van de orang-oetans en bedreigen de populatie.

©Ulet Ifansasti/Greenpeace

Palmolie is het goedkope wondermiddel dat in talloze voedsel- en cosmeticaproducten zit. De verwoesting van de Indonesische regenwouden is de hoge prijs die daarvoor wordt betaald. Een moratorium hielp eens de Amazone uit de brand, kan dat ook deze regenwouden redden?

Doneer nu En steun onze campagne voor de regenwouden


In Indonesië groeit een hele generatie kinderen op met een jaarlijks ‘mistseizoen’. Maandenlang is hun stad of dorp gehuld in een dikke laag giftige rook, afkomstig van bosbranden die zijn aangestoken om ruimte te maken voor nieuwe oliepalmplantages. De woekerende branden komen bovenop de illegale houtkap en drooglegging van tropische veengronden. De kinderen in Indonesië verliezen niet alleen hun gezondheid, maar in recordtempo ook hun natuur. Bovendien stootten de bosbranden tot oktober al 1,2 gigaton CO2 uit, meer dan de totale uitstoot van Duitsland in een jaar. 

De haven van Rotterdam 
is de spil in de Europese 
handel in palmolie


PALMOLIE: BIG BUSINESS IN NEDERLAND

Nederland is niet alleen importeur en doorgeefluik, we verwerken de olie ook. De haven van Rotterdam is daardoor de spil in de Europese handel in palmolie. Zo staat in Rotterdam de grootste palmolieraffinaderij van Europa, eigendom van IOI Loders Croklaan, de Nederlandse tak van de Maleisische palmoliegigant IOI Group.

Greenpeace wijst daarom niet alleen in Indonesië, maar ook in Nederland de palmoliesector al jaren publiekelijk op haar verantwoordelijkheid. Unilever kondigde dankzij deze acties en de druk van supporters zoals jij aan dat het ‘foute’ palmolie - waarvoor regenwoud is verwoest - geleidelijk in de ban zal doen. In Europa en de Verenigde Staten volgden andere grootverbruikers, zoals Mars, Procter & Gamble, Arla en L’Oreal. Ook toeleveranciers en handelaren als GAR, Wilmar en Cargill sloten zich aan. Vanuit Indonesië hield en houdt Greenpeace in de gaten of de palmolieafnemers zich aan hun beloften houden.


INDONESIË NU DE GROOTSTE ONTBOSSER
TER WERELD

Uit onderzoeken van de Universiteit van Maryland en het World Resources Institute (WRI) blijkt dat de ontbossing in Indonesië nog steeds toeneemt. Het land heeft in 2012 zelfs Brazilië ingehaald als grootste ontbosser ter wereld. Ook nationale parken en officieel ‘beschermde’ gebieden zijn niet veilig voor de kap door de papier- en palmolie-industrie.

Actievoerders van Greenpeace Indonesië zien in de Indonesische regenwouden wat die ontbossing betekent. Met behulp van GPS-apparatuur, satellietbeelden en luchtfoto’s verzamelen zij bewijzen van (illegale) houtkap, drooglegging van veengronden en oliepalmteelt in beschermde gebieden. De illegaal verkregen palmolie verdwijnt vervolgens in een complex netwerk van handelaren. Greenpeace volgde dit oliespoor naar importeurs en afnemers in Europa en de Verenigde Staten. LEES VERDER >

ROOKWOLKEN IN DE REGIO

Door de extreme droogte dit jaar verspreidde het vuur van de aangestoken branden zich razendsnel. Indonesië beleefde in 2015 de heftigste bosbrandseizoen sinds 1997. De rookwolken hingen tot in de steden van buurlanden Maleisië en Singapore. Scholen waren weken dicht en oorlogsschepen evacueerden bewoners uit de zwaarst getroffen gebieden. Greenpeace-campaigner Zamzami ging


naar West-Kalimantan om daar de luchtkwaliteit te meten. ‘Bij aankomst sloeg de geur van brandend hout direct in mijn neus. De lucht was grauw, het zicht nauwelijks 50 meter.’ De luchtvervuiling tijdens het bosbrandseizoen zorgt in Zuidoost-Azië voor gemiddeld 110.000 vroegtijdige doden per jaar. In droge El Niño-jaren zoals 2015 kan dit cijfer oplopen tot 300.000.