Organisatie en bedrijfsvoering

© Nigel Marple/GP

Greenpeace Nederland is een stichting. In het organigram staat schematisch hoe we zijn georganiseerd. We hebben vijf afdelingen, met elk een afdelingshoofd. Iedere afdeling bestaat uit een aantal units met een coördinator die zorgt voor de dagelijkse afstemming. De afdelingshoofden en de directeur vormen het managementteam. Samen zijn ze verantwoordelijk voor de planning en de aansturing van de organisatie.

Directie

Greenpeace Nederland heeft één directeur. Vanaf 15 februari 2011 bekleedt Sylvia Borren deze functie. De taken en bevoegdheden van de directeur zijn vastgelegd in het reglement Stichting Greenpeace Nederland. De directeur fungeert als statutair bestuurder en is eindverantwoordelijk voor de dagelijkse leiding en uitvoering. De directeur legt verantwoording af aan het bestuur, dat op zijn beurt rekening en verantwoording aflegt aan de raad van toezicht. Het bruto directeursalaris is vastgesteld op € 107.666 per jaar inclusief vakantiegeld en exclusief pensioenlasten, sociale verzekeringen en overige werkgeverslasten. Dit is 13 procent lager dan het salaris zou mogen zijn volgens de Code Wijffels, berekend naar haar ‘verantwoordelijkheidsradius’. De directeur ontving tevens een kerstgratificatie van € 50 netto die aan alle personeelsleden is toegekend. Een specificatie staat in de jaarrekening.

Personeelsbeleid

Onze medewerkers zijn cruciaal voor het realiseren van onze doelstellingen. Het zijn gedreven en deskundige mensen, die zich met hart en ziel inzetten voor het milieu. Greenpeace biedt haar medewerkers zinvol werk dat bijdraagt aan een betere wereld. Een dynamische en uitdagende werkomgeving, met ruimte voor creativiteit, en goede secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals ruime opleidingsfaciliteiten, een ov-jaarkaart, een pensioen- en sabbaticalregeling. Plus een redelijk salaris dat past bij de zwaarte van de functie en de werkervaring. Wij streven naar een zo evenwichtig mogelijke samenstelling van onze teams, zonder dat daarbij de kwaliteit uit het oog wordt verloren. In 2012 richtten we ons bij de werving van nieuwe medewerkers opnieuw meer op het vinden van collega’s met diverse etnische achtergronden. Het onderwerp diversiteit kreeg de broodnodige aandacht door de aanstelling van een beleidsmedewerker diversiteit. Hij zorgt voor meer bewustzijn over dit onderwerp, zodat diversiteit is terug te zien in de samenstelling van zowel het personeelsbestand als de Greenpeace-supporters. Greenpeace streeft naar een evenwichtige personeelsopbouw uitgaande van heterogeniteit, en dat betekent een mooie verdeling op basis van etniciteit, sekse, lichamelijke beperking, leeftijd en religieuze overtuiging. Greenpeace beoogt een werkklimaat dat niemand uitsluit en maximale ontplooiingsmogelijkheden biedt voor alle medewerkers in een tolerante omgeving.

Formatie en bezetting

In 2012 bedroeg het aantal begrote formatieplaatsen 104,7 fte (2011: 87,2; 2013: 93,05). Een formatieplaats is een volledige arbeidsplaats van 40 uur per week. In 2012 was de gemiddelde bezetting 92,5 fte (2011: 86,28). In 2012 vertrokken 23 medewerkers (2011: 21) en begroetten we 38 nieuwe collega’s (2011: 28). Deze cijfers zijn inclusief kortlopende contracten voor specifieke projecten en/of vervanging.

In 2012 zijn er 38 medewerkers aangesteld, onder andere vanwege de doelstelling om dit jaar uit te breiden, maar ook vanwege vervanging. Het gaat dan om vervanging bij langdurige ziekte, sabbaticals, zwangerschaps- en bevallingsverlof, detacheringen of vrijwillig vertrek van medewerkers. Het aantal medewerkers dat vertrok kwam in 2012 uit op 23, waarvan er 11 een andere invulling aan hun carrière gaven en er zelf voor kozen om de organisatie te verlaten. De overige vertrekkende medewerkers gingen uit dienst omdat de arbeidsovereenkomst eindigde op de overeengekomen datum of op verzoek van de organisatie.

Op 31 december 2012 had Greenpeace Nederland 121 medewerkers: 75 vrouwen en 46 mannen. Het managementteam bestaat uit twee vrouwen en vier mannen, van wie één met een niet-westerse achtergrond. In 2012 heeft Greenpeace Nederland voor het eerst vijf formatieplaatsen opgenomen in haar begroting om medewerkers uit te kunnen lenen aan landen waar Greenpeace behoefte heeft aan specifieke ondersteuning door ervaren Greenpeace-medewerkers. In 2012 zijn er medewerkers van Greenpeace uitgeleend aan Argentinië, Taiwan, Brazilië, Thailand, China en Congo.

 

Ziekteverzuim en arbeidstevredenheid

In 2012 streefden we ernaar om het ziekteverzuim te beperken tot 4 procent. Het verzuim over 2012 daalde met 21 procent en kwam uit op 4,1 procent en de meldingsfrequentie bedroeg 1,96. We berekenen de verzuimcijfers zo nauwkeurig mogelijk. Dat wil zeggen dat we rekening houden met het arbeidspatroon, dus het aantal uren dat iedere medewerker per dag werkt. Ook tellen we eventueel gedeeltelijke werkhervatting mee in de periode van re-integratie met een loonwaarde. Gemiddeld meldden medewerkers zich 2 keer per jaar ziek (2011: 2; 2010: 2,2) en bleven gemiddeld 11,9 dagen ziek thuis.

In het najaar zijn we een samenwerking aangegaan met MKbasics, onderdeel van Arbo Unie. Het effect van deze samenwerking en nieuwe benadering van verzuim is nog niet terug te zien in de cijfers voor 2012. Om een goed beeld te krijgen van eventuele knelpunten in relatie met de arbeidstevredenheid voerde Arbo Unie eind 2012 een Medewerkers Tevredenheids Onderzoek (MTO) uit. Het onderzoek houdt ook het plan van aanpak voor Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) actueel. De resultaten van dit onderzoek verwachten we begin 2013. Daar waar nodig zullen we actie ondernemen om het welzijn en de arbeidstevredenheid te verbeteren.

Planning en control

Het plannen, bijsturen en verantwoorden van onze activiteiten en de besteding van middelen doen we met behulp van de planning- en controlcyclus: een terugkerende cyclus van plannen en rapportages over die plannen.

Driejarenplannen en jaarplan

Het werk van Greenpeace Nederland maakt deel uit van het global programme van Greenpeace International. Op basis van de doelen die Greenpeace International voor 2020 heeft vastgesteld, hebben we in 2011 voor het Nederlandse kantoor per campagnethema onze eigen driejarenplannen geschreven. Deze beschrijven de geïntegreerde strategieën waarin het werk van alle afdelingen een rol speelt. De verschillende driejarenplannen, aangevuld met actuele informatie uit 2012, vormen de basis voor ons jaarplan 2013. In dat jaarplan formuleren we de concrete doelstellingen voor het komende jaar. Financieel vertalen we dit vervolgens in een begroting en een meerjarenraming.

Rapportages

Iedere maand stelt de afdeling Bedrijfsvoering een maandrapportage op met de belangrijkste financiële, personele en andere relevante gegevens, zodat de directeur, afdelingshoofden, coördinatoren en projectleiders kunnen bijsturen. Na afloop van elk kwartaal stellen de leden van het managementteam een uitgebreide kwartaalrapportage op. Hierin geven ze een overzicht van de inhoudelijke resultaten en activiteiten, de fondsenwervingsresultaten en de kosten, en personele aspecten, zoals ziekteverzuim. Als de kosten afwijken van het budget, voegen ze een verklaring en een bijgestelde prognose toe. Het bestuur en de raad van toezicht bespreken deze kwartaalrapportage. Ook bespreekt het managementteam de evaluaties van (campagne)projecten, zodat we lessen trekken uit wat wel en niet goed is gegaan. Na afloop van het jaar verantwoordt Greenpeace Nederland alle resultaten en de besteding van de middelen publiekelijk in haar jaarverslag.

Risicomanagement

Op basis van een jaarlijkse risicoanalyse houden management en bestuur zicht op de belangrijkste potentiële risico’s voor de organisatie. Elk jaar actualiseren we deze risicoscan. Gebieden waarop Greenpeace mogelijk risico’s loopt, zijn: inkomsten, juridische aansprakelijkheid, imago en bedrijfsvoering. Voor elk risicogebied is een lid van het managementteam verantwoordelijk. Hij of zij zorgt ervoor dat de risico’s worden verkleind en de mogelijke gevolgen kunnen worden opgevangen. In oktober is de risicoanalyse geactualiseerd. De conclusie is dat Greenpeace voldoende in staat is om risico’s op te vangen als die zich onverhoopt voordoen. De financiële reserves zijn voldoende en de verantwoordelijkheden voor risico’s zijn duidelijk verdeeld binnen het managementteam.

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen

Greenpeace vindt dat alle bedrijven en instellingen bewust moeten omgaan met de gevolgen van hun handelen voor hun omgeving en de maatschappij, en negatieve impact zoveel mogelijk moeten vermijden of terugdringen. Dat geldt uiteraard ook voor onszelf. We hebben ons aangesloten bij het INGO charter, waarmee we ons verbinden aan een aantal standaarden van internationale non-gouvernementele organisaties op het gebied van duurzaamheid, transparantie en verantwoording. Deze verantwoording vindt plaats via een rapportage volgens een standaard van het Global Reporting Initiative (GRI). Greenpeace Nederland stelt geen eigen rapportage op, maar als wereldwijde organisatie stellen wij een geconsolideerde GRI/INGO-rapportage op. Deze geconsolideerde rapportage zal na verschijnen van dit jaarverslag te vinden zijn op de website van Greenpeace International.

Greenpeace Nederland onderschrijft de algemene MVO-principes zoals vastgelegd in ISO 26000: accountability, transparantie, ethisch gedrag, respect voor de belangen van stakeholders, voor de wet, voor internationale gedragsnormen en voor mensenrechten. Voor Greenpeace Nederland zijn de MVO-kernonderwerpen milieu, behoorlijk bestuur, eerlijk zakendoen, arbeidsomstandigheden en deelonderwerpen van het kernonderwerp consumentenaangelegenheden het meest relevant. Wij hebben onze ambities, doelstellingen en prioriteiten voor deze onderwerpen in kaart gebracht. In 2013 gaan we in dialoog met onze stakeholders om deze te toetsen.

Hoe milieuvriendelijk zijn we zelf?

Greenpeace Nederland stelt hoge eisen aan zichzelf als het gaat om milieuzorg. Logisch, want dat vragen we ook van anderen. We beperken ons energiegebruik tot een minimum en nemen groene stroom af. Auto’s gebruiken we zo weinig mogelijk: iedere medewerker heeft een ov-jaarkaart. We vliegen in principe niet op afstanden korter dan 1.000 kilometer en maken zoveel mogelijk gebruik van videoconferencing voor internationaal overleg. Als medewerkers toch per vliegtuig reizen, worden de CO2-uitstoot en overige broeikasgassen gecompenseerd via de Climate Neutral Group. Net als de CO2-uitstoot als gevolg van ons gebruik van overig vervoer, onze gebouwen en ons papiergebruik. We vragen onze lezers om ons magazine via internet te lezen in plaats van dit op papier te ontvangen. En het jaarverslag publiceren we voor het vierde jaar op rij alleen online.

In een aantal opzichten kan Greenpeace Nederland geen concessies doen. We willen tot over de grenzen campagnes blijven voeren en allerlei vormen van geweldloze acties organiseren. Ons uitgangspunt is dat het milieuvoordeel dat we willen bereiken met een campagne, moet opwegen tegen de milieubelasting en de kosten van schepen, rubberboten, voertuigen en andere uitrustingen of materialen.

Inkoopbeleid

Greenpeace kiest haar producten en leveranciers zorgvuldig. Ze moeten aansluiten bij onze eigen milieucriteria en dus het milieu niet of minimaal belasten. We beoordelen producten op hun milieubelasting en kopen uiteraard de minst belastende. Drukkerijen die voor ons werken, voldoen aan strenge milieueisen.

CO2-uitstoot

In 2012 brachten we onze totale CO2-uitstoot flink terug: van 578 naar 400 ton. Het grootste deel van die uitstoot, ruim 60 procent, is toe te schrijven aan het gebruik van papier voor ons drukwerk. In absolute cijfers is het papiergebruik flink gedaald, onder meer als gevolg van de mogelijkheid om het relatiemagazine digitaal te ontvangen in plaats van op papier. De uitstoot van CO2 door onze gebouwen is afgenomen. De uitstoot door vliegreizen is toegenomen ondanks een kwart minder vliegkilometers dan in 2011. Dat komt door zwaardere emissiefactoren in 2012 voor zowel vliegen als openbaar vervoer. De uitstoot door trein, bus, tram en metro nam daardoor ook toe, terwijl het gebruik ervan nagenoeg gelijk is gebleven.

De CO2-uitstoot van onze schepen en rubberboten daalde sterk. Over meerdere jaren bekeken fluctueert dit getal behoorlijk, afhankelijk van de inzet van schepen: 60 ton in 2009, 14 ton in 2010, 116 ton in 2011 en 3 ton in 2012. Daar zit overigens niet de CO2-uitstoot van onze internationale schepen bij; hierover rapporteert Greenpeace International.

De CO2-uitstoot die we niet direct kunnen besparen, compenseren we via de Climate Neutral Group (www.climateneutralgroup.com). Deze organisatie financiert projecten die de uitstoot van schadelijke broeikasgassen daadwerkelijk verminderen.