Een gifvrije wereld

© Lu Guang/GP

Giftige stoffen horen niet thuis in onze dagelijkse producten of het milieu. Ze kunnen grote gevolgen hebben voor mens en milieu. De oplossing is simpel: stoppen met de productie en het gebruik van schadelijke stoffen. Er zijn volop veilige alternatieven. Greenpeace oefent druk uit op bedrijven en overheden om nú maatregelen te nemen die de productie en het gebruik van schadelijke stoffen daadwerkelijk stoppen.

Wat wilde Greenpeace in 2012?

Hoe kunnen we een gifvrije toekomst bereiken? Net als in voorgaande jaren wilden we in 2012 in elk geval:

•    dat westerse bedrijven verantwoordelijkheid nemen voor hun productie in ‘verre’ landen, zoals China en Mexico;
•    dat bedrijven stappen nemen om vervuiling tegen te gaan en werken aan een verbetering van standaarden voor de hele industrie;
•    de Chinese overheid aansporen tot betere regelgeving.

Resultaten

Sinds 2011 roept Greenpeace kledingproducenten op niet langer gifstoffen te gebruiken bij de productie van hun kleding en schoenen. Dat werkelijk gifvrij produceren lastig is, bleek uit een onderzoek door Greenpeace Duitsland: zelfs bekende merken voor natuurliefhebbers, zoals The North Face, Fjällräven en Vaude, gebruiken schadelijke stoffen voor het vuil- en waterafstotend maken van hun kleding. Ook bij Greenpeace zelf konden wij niet garanderen dat onze merchandise 100 procent gifvrij geproduceerd is. Daarom schorten we de verkoop van onze T-shirts en ander textiel wereldwijd op tot we zeker weten dat het echt ‘schoon’ is.
Het productieproces vergiftigt niet alleen het water in de productielanden als Mexico en China, ook in de landen waar de kleding verkocht wordt sijpelt het gif door via de wasmachine. In maart publiceerden we het rapport ‘Dirty Laundry Reloaded’, waaruit bleek dat bij het wassen van kleding nonylfenolethoxylaten (NFE’s) vrijkomen. Afgebroken tot het hormoonverstorende nonylfenol (NF) komen deze stoffen in ons drinkwater terecht.

A model poses with a shopping bag bearing the message "Time for Zara to Detox" by a polluted canal in Samutprakran province.Greenpeace launches a report entitled "Toxic Threads - The Big Fashion Stitch-Up"  detailing how big brands like Zara are forcing consumers to buy clothes that contain hazardous chemicals and that contribute toward toxic water pollution both when they are made, and when they are washed.Vanaf het najaar van 2012 begon onze vasthoudendheid zijn vruchten af te werpen. In oktober beloofde warenhuis Marks & Spencer een volledig gifvrij productieproces in 2020 en het bedrijf wil vóór 2016 de zeer moeilijk afbreekbare perfluorkoolstofverbindingen (PFC’s) uitbannen. Het rapport ‘ToxicThreads: The Big Fashion Stitch-Up’ bracht de modewereld pas echt in beweging. Zara, Mango, Esprit en Levi’s zegden toe dat hun leveranciers uiterlijk in 2020 geen gifstoffen meer lozen in het milieu. Ook maken de modemerken in 2013 bekend welke gifstoffen hun toeleveranciers gebruiken. Onze collega’s in Mexico en China hebben hier hard aan gewerkt, zodat mensen in deze productielanden eindelijk weten aan welke gifstoffen ze blootgesteld worden. Acht door Greenpeace ondersteunde vrijwilligers riepen eind 2012 jonge modeliefhebbers en -professionals op zich sterk te maken voor gifvrije mode, door drie maanden geen nieuwe kleding te kopen. Rond de 200 modeliefhebbers gingen de uitdaging aan. De Facebook-pagina ‘Fashion against Toxics’ ondersteunde de actie.

In het zich voortslepende schandaal rond het internationale oliebedrijf Trafigura bepaalde de rechter in Amsterdam eind januari dat het Openbaar Ministerie alsnog de directeur van Trafigura, Claude Dauphin, mocht vervolgen voor de illegale export van afval. Het rapport ‘The Toxic Truth’, na drie jaar onderzoek in september door Greenpeace en Amnesty International gepubliceerd, moest deze stinkende zaak verder verduidelijken. Het rapport is een gedetailleerde analyse van de vele fouten die in Ivoorkust zowel een milieu- als een medische en politieke crisis veroorzaakten. Tot onze teleurstelling heeft het OM met het oliebedrijf in Nederland een schikking getroffen en daarmee afgezien van verdere vervolging. Trafigura betaalde de in 2010 opgelegde boetes van € 1 miljoen en daarboven € 300.000 als compensatie voor wat het bedrijf verdiende aan het afval. Het OM heeft ook afgezien van verdere vervolging van topman Dauphin. Greenpeace betreurt het dat Dauphin, die een cruciale rol had in deze geschiedenis en voor wie geld geen enkele rol speelt, zich niet voor de rechter hoeft te verantwoorden.

Hoe hebben we onze resultaten behaald?

Om bedrijven zover te krijgen hun productieproces gifvrij te maken deden we onderzoek naar de vervuiling van de productieprocessen en hoe dit aan de merken te koppelen, onderhandelden we met de bedrijven om hun productieproces schoon te maken, publiceerden we rapporten en voerden we actie in binnen- en buitenland, zowel online als offline.

Samenwerking

In het kader van onze wereldwijde organisatie werkt Greenpeace Nederland samen met Greenpeace-collega’s in andere landen over de hele wereld. Daarnaast zijn er in onze campagnes en andere activiteiten samenwerkingsverbanden met tal van organisaties. Binnen onze giftigestoffencampagnes werkten we in 2012 samen met onder meer Amnesty International, SOMO en Plastic Soup Foundation.

Internationaal: Detox-campagne

Na de publicatie van het rapport ‘ToxicThreads: The Big Fashion Stitch-Up’ in november kwam de mode-industrie in beweging. Greenpeace richtte zich op populaire kleding van modeketens als Zara, Levi’s, Armani, Gap en Victoria's Secret. Voor dit rapport onderzochten we 141 kledingstukken van twintig bekende modemerken op meerdere schadelijke stoffen. Binnen een paar dagen na het verschijnen van het rapport sloten wereldwijd meer dan 210.000 mensen zich via social media bij onze campagne aan en gingen 700 mensen in meer dan tachtig steden de straat op om te protesteren tegen de watervervuiling door de modemerken.

Al snel beloofden Zara, Mango, Esprit en Levi’s dat hun leveranciers uiterlijk in 2020 geen gifstoffen meer lozen in het milieu, zoals nu nog gebruikelijk is. Ook maken deze modemerken in 2013 bekend welke gifstoffen hun toeleveranciers gebruiken. In totaal hadden eind 2012 elf merken zich gecommitteerd aan het ontgiften van hun kleding: Puma, Nike, Adidas, H&M, Li-Ning, C&A, Marks & Spencer, Zara, Mango, Esprit en Levi’s.

Greenpeace is dan ook teleurgesteld in het Nederlandse G-Star, dat zich normaal zo duurzaam etaleert. Ondanks herhaalde verzoeken en acties van Greenpeace bij G-Star-winkels in Nederland, Oostenrijk en Zwitserland weigerde het jeansmerk openheid te geven over de gebruikte gifstoffen. Hoewel ze beloven dat ook hun productieketen in 2020 schoon is, wacht Greenpeace nog op geloofwaardige en ambitieuze daden van G-Star die deze mooie woorden bevestigen.

Toekomst

In 2012 kreeg Greenpeace de textielindustrie in beweging. Elf merken hebben zich inmiddels aan de ontgifting van hun productieproces gecommitteerd. Dat is bijna 10 procent van de kledingmarkt wereldwijd. We verwachten dat een echt duurzame verandering dichterbij dan ooit is, maar we zijn er nog niet. In 2013 gaan we daarom door op de ingeslagen weg. Er zijn nog genoeg modemerken die we mee kunnen krijgen. Ook zullen we toezien of bedrijven zich houden aan gedane beloftes.

Greenpeace blijft Nederlandse bedrijven in de gaten houden, want milieumisdaden, ook als die ver over de grens plaatsvinden, mogen niet ongestraft blijven. Het gaat ons om het recht op leven en een gezond milieu, en om gerechtigheid door de verantwoordelijken te laten vervolgen. Ook Nederlandse multinationals moeten zich waar dan ook ter wereld houden aan de OESO-richtlijnen, die vaak verder gaan dan lokale wetgeving. De Tweede Kamer heeft de Nederlandse overheid opgedragen hun inkoopbeleid hierop af te stemmen. Om dit alles in de praktijk te bewerkstelligen hebben we nog een lange weg te gaan. We gaan hiervoor nog meer en nog slimmer samenwerken met onze Greenpeace-collega’s en andere bondgenoten in vele landen.