Greenpeace-actievoerders uit 10 EU landen blokkeren in de Poolse haven Gdynia het uitladen van het schip de 'Hope', dat zo'n 25.000 ton gentech-soja uit Argentinië aan boord heeft. De actie is een protest tegen de milieuproblemen als gevolg van de teelt van gentech-soja in Argentinië, waaronder vernietiging van oerbos en een toename in het gebruik van landbouwgif.
Vlees,
melk en eieren kunnen afkomstig zijn van dieren die zijn gevoederd met
genetisch veranderd veevoer. Sterker nog: de meeste van deze producten
zijn van dieren die zijn gevoerd met in elk geval deels
gentech-veevoer. Consumenten kunnen dat niet zien in de winkel.
Weliswaar heeft de EU in 2004 nieuwe
regels ingevoerd voor de scheiding en etikettering van veevoer, maar
die gelden alleen voor voeding en veevoer die gentech bevatten, niet
voor producten die met gentech geproduceerd zijn.
Scheiden
Greenpeace wil dat veevoer helemaal gentechvrij is, zolang de gevolgen
van genetische manipulatie voor mens en milieu onduidelijk zijn. Als
eerste stap moeten gentech soja en maïs worden gescheiden van
niet-gemanipuleerde gewassen. Dan hebben boeren en consumenten
tenminste een keuze. Scheiding is goed mogelijke, en gebeurt voor
bepaalde sectoren, zoals bijv. de kippensector, die voor een flink deel
gentech-vrij is in Europa. Veevoerbedrijven melden ook dat ze
gentech-vrij kunnen leveren als er maar vraag is. Het is dus zaak voor
consumenten en producenten van consumentenproducten deze vraag op gang
te brengen.
Voorlopers
Een aantal bedrijven zijn de nieuwe wet al vooruit en hebben hun
producten al vrij gemaakt van genetisch gemanipuleerd veevoer.
Bedrijven als Kwetters BV (4-granen ei), Euroma (kruidenmixen), Lidl
(supermarkt) en Numico (Nutricia) garanderen dat hun ingrediënten
gemaakt zijn zonder genetisch gemanipuleerd veevoer. In andere Europese
landen gebruiken sommige bedrijven in de kippensector gentech-vrij
voer. Alle andere voedingsmiddelenproducenten en fabrikanten van
dierlijke producten (melk, eieren, vlees, vleeswaren} verwerken volop
genetisch gemanipuleerd veevoer. Greenpeace heeft heel veel producenten
van dierlijke producten aangeschreven, maar de meeste bedrijven
weigeren zelfs informatie te verschaffen.
Huisdieren
Genetisch gemanipuleerde gewassen verdwijnen niet alleen in de magen
van koeien, varkens en kippen, maar ook in de maag van uw huisdier. En
ook hier willen fabrikanten niet vertellen in welke producten genetisch
gemanipuleerde planten verwerkt zijn. Producenten van huisdierenvoeding
als Masterfoods (o.a. Whiskas, Sheba, Pedigree) en Iams weigeren
informatie te verstrekken.
Omgekeerde wereld
Greenpeace vroeg veevoerbedrijven, fastfoodketens en supermarkten zwart
op wit te stellen, dat hun producten zijn vervaardigd zonder genetisch
gemanipuleerd veevoer. Vaak is gentechvrije soja echter iets duurder
dan de genetisch gemanipuleerde varianten. Daarom willen bedrijven er
niet aan beginnen. De omgekeerde wereld!
Duurder
Waarom zijn gentech-vrije producten duurder? Het scheiden van de
veevoerstromen kost geld. Een handvol multinationals in granen - onder
meer het Amerikaanse Cargill - berekent deze kosten alléén door in de
prijs van gentechvrij veevoer. Zij beheersen de wereldmarkt voor
veevoer. Het overgrote deel van de soja die Cargill importeert is
genetisch gemanipuleerd.
De sleutel ligt bij de vraag
Bovendien richtte Cargill in 1998 de joint venture Renessen op, samen
met Monsanto, de grootste producent van gentech zaad. Cargill heeft dus
een direct belang bij genetisch gemanipuleerd veevoer. Het bedrijf
dringt dit voer op aan de Europese markt.Importeurs van bijv. soja en
veevoerproducten zijn wel in staat om te scheiden. Dat ze het
nauwelijks doen ligt aan de vraag. Bedrijven die consumentenproducten
produceren kunnen een belangrijke rol spelen bij het scheiden door
gentech-vrij te gaan.
Achter de schermen
Zo bepaalt een handvol multinationals wat terechtkomt op het bord van
honderden miljoenen consumenten in de hele wereld. Ook bepalen ze wat
en hoe boeren moeten telen. Ze hebben veel invloed op de ontwikkeling
van armere landen. Maar tegelijkertijd blijven deze multinationals
bewust achter de schermen: niemand kent ze. En niemand weet wat ze
precies uitvoeren. Of wat ze in het veevoer stoppen.