Skip navigation.
De blauwvintonijn is de grote verliezer van de CITES-conferentie en 
komt straks waarschijnlijk alleen nog in de geschiedenisboekjes voor.

De blauwvintonijn is de grote verliezer van de CITES-conferentie en komt straks waarschijnlijk alleen nog in de geschiedenisboekjes voor.

Vergroot foto

Nederland — Het lijkt er op dat de wereld eindelijk wakker wordt en inziet dat de Atlantische blauwvintonijn in crisis is. Dat is fijn. Maar dit inzicht komt dus te laat. Jaren van overbevissing hebben dit majestueuze dier tot op het randje van uitsterven gebracht. En dat is voorbij het punt waarop je over bescherming gaat nadenken. De situatie is zo extreem dat een internationaal handelsverbod de enige hoop op overleving lijkt.

Monaco, Engeland, Nederland en Zweden deden het al eerder, deze week waren de Verenigde Staten aan de beurt: ze  steunden een voorstel om de Atlantische blauwvintonijn op de lijst - Appendix I -  van bedreigde diersoorten van CITES (Convention on International Trade in Endagered Species of Wild Flora and Fauna) te krijgen.

Appendix I betekent de hoogste alarmfase voor een dier- of plantsoort. In de prakrijk betekent dit een verbod op de handel in blauwvintonijn totdat het bestand zich heeft hersteld.

Met stip op nummer 1
Van 13 tot en met 25 maart komen in Quatar de 175 aangesloten CITES- landen bijeen om te beslissen over de internationale handel in wilde planten en dieren. Bovenaan de lijst staat de blauwvintonijn.

Voor de Atlantische blauwvintonijn is dit de laatste kans. Deze Porsches van de zee - ze zwemmen wel 100 km/uur - zijn ernstig in de problemen.

In 1999 toonden we al aan dat de blauwvintonijnbestanden in de Middellandse Zee voor 80 procent waren ingestort. Tien jaar later zagen wetenschappers dat de Atlantische populatie 15 procent onder het niveau zat van voor de commerciële visserij.

Incompetente club
Deze ellendige toestand is te danken aan een combinatie van een internationaal groeiende vraag naar blauwvintonijn en belabberd soortmanagement.

De International Commission for the Conservation of Atlantic Tunas (ICCAT), het managementorgaan dat verantwoordelijk is voor de Atlantische blauwvin, negeerde herhaaldelijk het advies van zijn eigen wetenschappers en faalde jammerlijk in de aanpak van overbevissing en illegale piratenvisserij op de soort. ICCAT staat algemeen bekend als een incompetente club.

Dus dit is het beste dat het moderne visserijmanagement te bieden heeft...
een diersoort pas beschermen als die dreigt uit te sterven.

CITES
Helaas heeft niet elk CITES-lid oog voor de toekomst. Korte termijn denken brengt immers direct geld in het laatje. Japan is de grootste importeur van blauwvintonijn. Een enkele tonijn kan in Japan 100.000 dollar opbrengen.
Geen wonder dat Japan dreigt alles op alles te zetten om het handelsverbod te voorkomen.

Ook Canada en China zouden tijdens de CITES-vergadering wel eens roet in het eten kunnen strooien.  Australië, Nieuw Zeeland en Brazilië hebben zich nog niet uitgesproken. De Europese commissie dringt er bij haar lidstaten op aan om het verbod te steunen.  EU-landen zijn goed voor 50 procent van de totale blauwvintonijnvangst. En vangen veel tonijn illegaal. Spanje, Malta en Griekenland zitten bijvoorbeeld echt niet om een verbod te springen. Deze week wordt er in Europa een besluit genomen over het Europese standpunt.

Sterk staaltje falend oceanenmanagement

De situatie van de Atlantische blauwvintonijn is buitengewoon ernstig: haalt de soort de Appendix I-lijst niet, dan is er waarschijnlijk geen enkele hoop voor overleven. De huidige blauwvintonijncrisis is een van de meest schrijnende voorbeelden van falen oceanenmanagement.

Maar... helaas niet uniek in zijn soort. Noordzeekabeljauw, Atlantische paling, grootoog- en geelvintonijn... ze zijn allemaal in de problemen. Net als veel andere soorten, die echter toch nog steeds gewoon in het supermarktschap te vinden zijn.

Zeereservaten
Onze oceanen zijn wereldwijd in crisis. Driekwart van de visbestanden is ernstig overbevist of uitgeput. Het is nog niet te laat om onze oceanen te redden. Greenpeace pleit voor een aaneengesloten wereldwijd netwerk van zeereservaten dat 40 procent van onze wereldzeeën beschermt. Alleen zo kan de bron van alle leven zich nog herstellen.