Nieuwsartikel - 25 maart, 2004
Amsterdam, Nederland — Voor Essent wegen financiële argumenten zwaarder dan milieu en veiligheid. Het energiebedrijf meet zich graag een groen imago aan, maar heeft er als grootaandeelhouder van Borssele geen bezwaar tegen dat de kerncentrale doorgaat met opwerking van kernafval. Opwerking is een vervuilend proces waarbij grote hoeveelheden radioactief afvalwater in zee worden geloosd.
Greenpeace actievoerders bij de opwerkingsfabriek in La Hague, Frankrijk. Opwerking is een vervuilend proces waarbij grote hoeveelheden radioactief afvalwater in zee worden geloosd. © GP/Barret
Greenpeace had Essent in september 2003 al gevraagd haar invloed
als aandeelhouder te gebruiken om het zinloze en vervuilende
opwerken van Nederlands kernafval te stoppen. Gisteren heeft Essent
eindelijk aan Greenpeace officieel haar standpunt hierover
meegedeeld: Essent doet niets om de milieuvervuiling bij de
opwerkingsfabriek in La Hague, Frankrijk te voorkomen. En dat
terwijl Essent haar mond vol heeft van verantwoord ondernemen en
zich graag groen profileert.
Internationale afspraken geschonden
Doorgaan met opwerking druist ook in tegen internationale
verdragen. Internationaal is afgesproken dat directe opslag van
kernafval de voorkeur verdient boven opwerking, om zo de
radioactieve vervuiling van de zeeën te verminderen. Nederland
ondertekende deze beslissing van het OSPAR-verdrag ter bescherming
van de Noordoostelijke Atlantische oceaan.
Nog meer kernwapengevaarlijk plutonium
Opwerking zorgt er ook voor dat er meer gevaarlijke nucleaire
materialen, zoals kernwapengevaarlijk plutonium, worden
geproduceerd. Kennelijk wegen voor Essent ook de extra risico's
voor de verspreiding van zulke gevaarlijke nucleaire materialen
niet zwaar genoeg om zich tegen het opwerken van kernafval uit
Borssele te verzetten.