De Ivoriaanse chauffeurs Amadou Bakayoko en Doumbia Siaka voor het kantoor van Trafigura in Amsterdam.
Dit afval belandde vervolgens op vele plekken in en om de
hoofdstad Abidjan. Volgens de Ivoriaanse overheid stierven zestien
mensen ten gevolge van het afval en werden vele tienduizenden ziek.
Ook de chauffeurs zeggen schadelijke gevolgen te hebben ondervonden
van de door hen vervoerde stoffen. Volgens Trafigura heeft het
afval geen ernstig letsel veroorzaakt.
Teleurgesteld
Een bezoek van Doumbia Siaka en Amadou Bakayoko aan het
Amsterdamse hoofdkantoor van Trafigura liep tot tweemaal toe op
niets uit. 'We zijn teleurgesteld dat Trafigura niet met ons heeft
willen spreken', stelt Bakayoko. 'We hadden de directeur graag
enkele vragen willen stellen en willen vragen excuses te maken aan
de bevolking van Ivoorkust en aan ons voor het brengen van het
afval naar Abidjan.'
Uiteindelijk heeft een werknemer van het oliebedrijf een brief
van de Ivorianen aan directeur Claude Dauphin in ontvangst genomen.
Een Haags pr-bureau dat Trafigura vertegenwoordigt, heeft in een
e-mail aan Greenpeace laten weten 'dat de directie van Trafigura
niet beschikbaar is voor een telefoongesprek met de Ivoriaanse
vrachtwagenchauffeurs'. Trafigura werd in juli veroordeeld tot een
boete van 1 miljoen euro wegens illegale export van giftig
afval.
Milieumisdaden mogen niet ongestraft blijven
Siaka en Bakayoko hebben vandaag wel kunnen spreken met het
Openbaar Ministerie. 'Het OM heeft tot op heden de gebeurtenissen
in Ivoorkust grotendeels buiten beschouwing gelaten', stelt
Marietta Harjono, campagneleider giftige stoffen bij
Greenpeace.
'En dat terwijl het werkelijke leed zich natuurlijk niet hier,
maar in Abidjan heeft afgespeeld. Het is belangrijk dat het OM zijn
uiterste best doet om Trafigura te vervolgen voor wat er is gebeurd
in Ivoorkust. Milieumisdaden begaan door Nederlandse bedrijven, ook
als die ver buiten de grenzen plaatsvinden, mogen niet ongestraft
blijven.'
Probo Koala
Tijdens hun bezoek aan Nederland zijn Siaka en Bakayoko
bovendien ontvangen door de directeur van de Dienst Milieu en
Bouwtoezicht van de gemeente Amsterdam en de Amsterdamse
afvalverwerker Main (voorheen APS).
Zowel de gemeente als APS speelde in 2006 een belangrijke rol
bij de beslissing om de Probo Koala uit de Amsterdamse haven te
laten vertrekken. Beide zijn vervolgd voor het laten terugpompen
van het giftige afval naar de Probo Koala, maar zowel de gemeente
als APS werd in juli vrijgesproken.
Valse verklaringen
De twee Ivorianen zochten eerder dit jaar hun toevlucht tot
Greenpeace om hun verhaal te doen over wat er volgens hen vier jaar
geleden en ook daarna werkelijk is gebeurd. Zij en met hen andere
voormalige chauffeurs die het afval destijds hebben vervoerd,
beweren dat hun nooit iets is verteld over de schadelijke aard van
het afval.
Ook zouden zij zijn benaderd door advocaten van Trafigura om in
ruil voor geld valse verklaringen te ondertekenen, waarin zij onder
meer moesten beweren dat zij niet ziek zijn geworden door het
afval. Greenpeace deed hier in mei aangifte van bij het OM.
Trafigura ontkent ook deze beschuldigingen.
Naast de aangifte diende Greenpeace al vorig jaar een klacht in
bij het gerechtshof in Den Haag wegens het niet vervolgen van
strafbare feiten. Greenpeace wil hiermee bereiken dat Trafigura ook
wordt vervolgd voor de gebeurtenissen in Ivoorkust.