Nieuwsartikel - 6 september, 2010
Nederland — Twee Japanse actievoerders van Greenpeace zijn vandaag voor de Japanse rechtbank veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van één jaar, vanwege de diefstal van walvisvlees. In werkelijkheid hadden de actievoerders walvisvlees onderschept en aan het openbaar ministerie aangeboden, juist om de illegale handel in walvisvlees aan de kaak te stellen. Walvisvlees dat met belastinggeld uit naam van de wetenschap werd gevangen en illegaal op de zwarte markt belandde.
Junichi Sato, campagneleider walvissen van Greenpeace Japan, met het walvisvlees dat door de bemanning van de walvisvloot is gestolen om illegaal door te verkopen.
Greenpeace is opgelucht over het feit dat 'Tokyo Two', Junichi
Sato en Toru Suzuki, niet meer achter slot en grendel hoeven, maar
maakt vandaag wereldwijd haar ongenoegen en verontwaardiging over
de onterechte veroordeling kenbaar.
'Met dit vonnis geeft de Japanse rechtbank een duidelijk signaal
dat opkomen voor het milieu en beschermen van de walvissen in Japan
blijkbaar een misdaad is', zegt Joris Thijssen, campagnedirecteur
van Greenpeace. 'Dit raakt echt het hart van waar Greenpeace voor
staat.'
Grootschalige corruptie
In 2008 brachten de twee Greenpeace-medewerkers de grootschalige
corruptie met walvisvlees aan het licht. Ze waren getipt door
walvisjagers met gewetenswroeging die de misstanden op zee niet
langer stil konden houden. Toen Sato en Suzuki met een doos
walvisvlees als bewijsmateriaal aangifte deden bij het
politiebureau, werden zijzelf gearresteerd en aangeklaagd voor
diefstal. Aan de grootschalige corruptie van de walvisjagers deed
het Openbaar Ministerie niets.
Inbreuk op mensenrechten
Sinds het begin van het proces is er in Japan een brede
maatschappelijke discussie ontstaan over burgerrechten, de vrijheid
van meningsuiting en de rol van NGO's in een democratische
samenleving. Ook een werkgroep van de Verenigde Naties heeft
geconcludeerd dat de vervolging van de twee actievoerders een
inbreuk is op hun mensenrechten. Zij hebben de rechtzaak betiteld
als een 'politiek proces'.
De met overheidssteun overeind gehouden Japanse walvisvloot
schiet jaarlijks honderden walvissen in de Antarctische wateren.
Hoewel de commerciële jacht sinds 1986 is verboden, gaat Japan door
onder het mom van wetenschappelijke jacht. Het walvisvlees belandt
echter zowel legaal als illegaal in de restaurants en winkels van
Tokio.