Nieuwsartikel - 15 oktober, 2003
Amsterdam, Nederland — Nog steeds vindt meer dan de helft van de houtkap in tropische wouden op illegale wijze plaats. Dit illegale hout vindt gretig aftrek in Europa. Ook in ons land. Ondanks het voornemen uit 2001 van onze regering om de import van illegaal hout tegen te gaan, gebruikt ook de Nederlandse overheid nog steeds tropisch hardhout. Bij de bouw van de hoge snelheidslijn (HSL) wordt 'fout' Afrikaans azobé-hout gebruikt. Zelfs na eerdere waarschuwingen van Greenpeace heeft Minister Peijs toch, tegen beter weten in, dit 'foute' hout aangekocht.
Bij de bouw van de hoge snelheidslijn (HSL) wordt 'fout' Afrikaans azobé-hout gebruikt. Dit ondanks het voornemen uit 2001 van onze regering om de import van illegaal hout tegen te gaan. ©GP/Heijselaar
Volgens Greenpeace is de minister dan ook als je het Wetboek van
Strafrecht erbij pakt, schuldig aan heling. Begin dit jaar gaf de
regering na Kamervragen eigenlijk al toe, niet te kunnen garanderen
dat er géén illegaal hout wordt ingekocht. Dat druist dus
rechtstreeks in tegen het officiële Nederlandse aankoopbeleid,
waarin zoveel mogelijk duurzaam geproduceerd hout kopen centraal
staat.
Toch gebruiken veel overheidsinstanties in bouwprojecten
tropisch hardhout waaronder azobé. Deze houtsoort is namelijk zeer
goed bestand tegen water. Een groot deel van het azobé-hout komt
uit Kameroen. Dit land heeft te maken met grote illegale houtkap en
een tropisch regenwoud dat in snel tempo dreigt te verdwijnen.
"Tijdens onderzoek in Kameroen heb ik zelf gezien wat illegale en
destructieve houtkap in de praktijk betekent", vertelt Ingrid
Visseren-Hamakers, campagneleider Bossen van Greenpeace, die het
land onlangs bezocht. "Het tropisch regenwoud was, voor de kappers
er arriveerden, nog helemaal intact. Toen wij er waren was het bos
een aaneenschakeling geworden van enorme kale plekken en brede
blubberwegen."
De grootste boosdoeners, naast de illegale houtkappers, zijn de
afnemers van het Afrikaanse hardhout. Europa is momenteel de
grootste afnemer, en in veel van de lidstaten is de import van
illegaal hout niet eens verboden. Meer dan de helft van het in
Europa geïmporteerde tropische hout is dan ook illegaal gekapt. De
geschatte waarde hiervan is 1,2 miljard euro. Zonder nieuwe regels
gaat deze bloeiende woudvernietigende handel dus gewoon door.
Heel langzaam begint de politiek daarvan bewust te worden.
Maandag 13 oktober kwam de Europese Ministerraad bijeen om te
praten over een EU-actieprogramma tegen de handel in dit illegale
hout. Daarin wordt zelfs gesproken over een Europabreed verbod op
de import van illegaal hout.
Tijdens de voorbereidende handelingen voor de Ministerraad werd
echter helaas meteen duidelijk dat hierover geen overeenstemming
mogelijk is onder de verschillende landen. Uiteindelijk resultaat
van de Ministerraad: een onderzoek naar de haalbaarheid van een
aantal maatregelen. Deze week vergaderen ook een aantal Afrikaanse
ministers over het probleem van de illegale houtkap. Maar ook daar
wordt weinig consensus verwacht. Inmiddels lopen
ontwikkelingslanden die hout produceren door de illegale houtkap
jaarlijks 15 miljard dollar mis door de handel in illegaal hout.
Dankzij de gretige vraag in Europa, en dus ook in ons land, zal
deze handel voorlopig nog doorbloeien. Ten koste van de laatste
resten tropisch oerwoud.
Europa moet de import van illegaal hout verbieden. Ook moet er
een einde worden gemaakt aan de illegale kap in de tropische
wouden, stelt Greenpeace. Als je kijkt wat voor ecologische,
sociale en economische schade het veroorzaakt moet het zo snel
mogelijk worden stopgezet!