Amsterdam, Nederland — Stroomproducenten als Nuon en Essent dreigen de Nederlandse samenleving - en dus ook jou als belastingbetaler - op te zadelen met torenhoge kosten voor klimaatschade, luchtvervuiling en gezondheidszorg. De bouw van één nieuwe kolencentrale levert Nederland een kostenpost van minstens 4 miljard euro op.
Overzicht van de locaties en externe kosten van de 5 geplande kolencentrales.
Dat blijkt uit onderzoek dat Greenpeace heeft laten uitvoeren
door onderzoeksbureau CE Delft. Greenpeace wil dat het kabinet de
schade laat betalen door de stroomproducenten, die vijf grote
kolencentrales in Nederland willen bouwen. Klik links op de
afbeelding voor een overzicht van de locaties en de kosten van
centrales.
Vervuiler heeft voordeel bij oneerlijke concurrentie
De uitstoot van kolencentrales (waaronder CO2, NOx, SO2 en
fijnstof) leidt tot een reeks van klimaat-, milieu- en
gezondheidsproblemen zoals smogvorming, hart- en longstoornissen,
ademwegstoornissen en schade aan gebouwen en landbouwgewassen.
Het onderzoek van CE Delft laat zien dat de kosten die
voortkomen uit de vervuiling van de kolencentrales nu niet worden
betaald door de vervuiler. Zo ontstaat een ongelijke concurrentie
tussen schone en vervuilende centrales. Als de kosten wél worden
doorberekend is schone energie veel aantrekkelijker.
CE Delft heeft de maatschappelijke kosten voor vijf
verschillende energiecentrales op een rij gezet*:
- Een kolencentrale met kolenvergassingstechnologie (Nuon Magnum
kolencentrale) veroorzaakt een kostenpost van jaarlijks 129-134
miljoen euro;
- Een kolencentrale met poederkooltechnologie (RWE, E.ON,
Electrabel en Essent) veroorzaakt een kostenpost van jaarlijks
121-127 miljoen euro;
- Kerncentrales brengen vooral hoge kosten met zich mee voor de
opslag van afval en niet te verzekeren risicokosten van nucleaire
ongevallen (oplopend tot naar schatting 360 miljoen euro per
jaar);
- Schone energie uit biomassa (de meegerekende duurzame optie)
leidt tot de laagste maatschappelijke kosten (35-36 miljoen euro
per jaar).
Schade verhalen op stroomproducenten
Elektriciteit uit steenkool is voor de stroomproducenten op
korte termijn voordelig omdat het de goedkoopste brandstof is. De
schade die eruit voortkomt moet op de stroomproducenten worden
verhaald door middel van een heffing op vervuilende brandstoffen.
CE Delft verwijst hierbij naar de zogenaamde congestieheffing die
in 2003 werd ingevoerd in Londen. Met een dergelijke 'externe
kosten heffing' worden duurzame technologieën, zoals
energiebesparing, off shore wind en biomassa, financieel
aantrekkelijker.
Het kabinet kan het geld dat nu uitgegeven wordt voor
maatschappelijke kosten aanwenden voor de nieuwe duurzame
energie-stimuleringsregeling (MEP).
Kolencentrales passen niet in regeerakkoord
Greenpeace komt op voor het klimaat en voert daarom de komende
tijd campagne tegen de bouw van vijf nieuwe kolencentrales in
Nederland. Veel mensen maken zich zorgen om klimaatverandering en
willen een stap vooruit zetten naar schone energie.
In het regeerakkoord staat zelfs dat Nederland de schoonste
energievoorziening van Europa moet krijgen. Kolencentrales horen
daar niet bij. De vijf kolencentrales van Nuon, E.ON, Essent,
Electrabel en RWE zouden voor 60% méér CO2-uitstoot van de
energiesector zorgen. CO2-afvang en het bijstoken van biomassa zijn
slechts beperkt mogelijk bij de geplande centrales.
Greenpeace vraagt het kabinet en de Tweede Kamer de
onverantwoorde plannen van de stroomproducenten tegen te
houden.
* Overzicht op basis van 1.000 MW vermogen. Deze kosten lopen
door over een gemiddelde levensduur van 40 jaar voor een
centrale.
Lees hier het volledige rapport
Lees hier het volledige rapport 'Nieuwe elektriciteitscentrale in Nederland - de 'vergeten' kosten in beeld'
Lees hier de samenvatting van het rapport
Lees hier de samenvatting van het rapport 'Nieuwe elektriciteitscentrale in Nederland - de 'vergeten' kosten in beeld'