Nieuwsartikel - 11 december, 2009
Nederland — De Brits-Nederlandse multinational Unilever, 's werelds grootste verbruiker van palmolie, liet vandaag aan Greenpeace weten alle toekomstige palmolieaankopen van het Indonesische bedrijf Sinar Mas op te schorten. De stap van Unilever volgde nadat Greenpeace met nieuw fotografisch bewijsmateriaal heeft aangetoond Sinar Mas illegaal regenwoud kapte in beschermde gebieden.
In dit nieuwe Greenpeace-rapport wordt aangetoond dat Sinar Mas kapt in leefgebieden van de bedreigde orang-oetan.
Eerder toonde we al aan dat Sinar Mas kapt in leefgebieden van
de bedreigde orang-oetan. Dit is bevestigd door onderzoek in
opdracht van Unilever.
De afgelopen maanden voerde Greenpeace campagne tegen de
grootschalige ontbossing en de verwoesting van veenmoerassen door
Sinar Mas. Het management van Unilever bevestigt dat het bewijs uit
het
nieuwe Greenpeace-rapport een belangrijke rol heeft gespeeld
bij de beslissing.
Breekpunt palmolie-industrie
Greenpeace campagneleider bossen Michiel van Geelen is hoopvol
over het besluit van Unilever: 'Dit zou wel eens een breekpunt
kunnen zijn voor de palmolie-industrie. De grootste wereldwijde
afnemer van palmolie gebruikt zijn financiële spierballen om
producenten af te straffen, die bijdragen aan het verdwijnen van de
laatste regenwouden. Ook voor andere bedrijven wordt het nu lastig
om zaken te doen met een wetsovertreder als Sinar Mas.'
De Sinar Mas groep is de op één na grootste palmolieproducent
ter wereld. Het bedrijf is ook eigenaar van Asia Pulp and Paper
(APP), een beruchte Indonesische papierpulpgigant. De palmolie van
Sinar Mas wordt gebruikt in een scala van bekende merkproducten van
grote voedingsmiddelenmultinationals zoals Nestlé, Procter and
Gamble en Kraft.
Greenpeace roept alle afnemers van palmolie op om het voorbeeld
van Unilever te volgen door de palmolie van Sinar Mas direct uit
hun producten te weren. Daarnaast roept Greenpeace Sinar Mas en
andere palmolieproducenten op om per direct een moratorium in te
stellen op verdere ontbossing voor palmolie.
Indonesië door palmolie in top 3 CO2-uitstoters
De praktijken van Sinar Mas veroorzaken een enorme uitstoot van
broeikasgassen. Veel van de laatste regenwouden van Indonesië staan
op metersdikke veengronden. Veen bestaat uit plantenresten waarin
grote hoeveelheden koolstof zijn opgeslagen. Om palmolieplantages
aan te leggen, wordt het veen drooggelegd en in de brand gestoken.
De koolstof die in de veengronden zit opgeslagen, komt hierdoor
vrij als CO2.
Greenpeace schat dat de CO2-emissies van de palmolie en
papierpulp activiteiten van het bedrijf in alleen al de provincie
Riau meer bedragen dan de totale Nederlandse uitstoot. Indonesië
neemt momenteel deel aan de klimaatonderhandelingen in Kopenhagen
als 's werelds op twee na grootste uitstoter van broeikasgassen na
China en de VS.
Bekijk hier het nieuwe Greenpeace-rapport over Sinar Mas en
ontbossing